» direct naar zoek en menu

Tijdschrift voor webwerkers » Artikel #166

Webrichtlijnen voor de redactie - Meer tevreden bezoekers zonder al te veel extra inspanning

Als je discussies beluistert over de aanbevelingen van de webrichtlijnen, lijken ze vaak een puur technische aangelegenheid. Maar ook de redactie heeft een heel belangrijke rol in het voldoen aan de richtlijnen! Het geselecteerde CMS kan nog zo goed zijn – als de redactie steekjes laat vallen is het snel gedaan met die mooie 100% conformiteit aan de webrichtlijnen. In dit artikel geven we een aantal belangrijke tips voor de webredactie.

Wij merken vaak dat webredacteuren heel graag aan de webrichtlijnen willen voldoen, maar niet duidelijk genoeg te horen hebben gekregen wat ze zouden moeten doen en hoe. Daarnaast werkt het niet motiverend als je dagelijks je best doet en vervolgens nog steeds te horen krijgt dat je bij die 98% van de ontoegankelijke sites hoort. Dit artikel - een klein stukje uit een workshop die we 3 jaar geleden gaven - geeft hopelijk wat handvatten om weer een stap dichterbij het doel te komen: een website die voldoet aan de webrichtlijnen.

Tip 1: behandel een alt-tekst als een gewone tekst

Niet iedere bezoeker van je site wil of kan een plaatje zien. Jij als webredacteur wilt echter geen informatie verloren laten gaan. Gelukkig kun je elk plaatje voorzien van een alt-tekst.

Beschrijf in de alt-tekst welke informatie het plaatje overbrengt. Dan kan een letterlijke beschrijving zijn van de tekst die in het plaatje staat, maar ook een eigen beschrijving van het beeld. Als je het beeld alleen als decoratief element gebruikt, om je artikel een beetje op te fleuren, dan laat je het alt-attribuut leeg. Dan komt er geen tekst op de plek van het beeld te staan als de bezoeker geen beeld wil of kan zien.

voorbeeld: kind speelt stratego

De alt-tekst die je gebruikt is steeds afhankelijk van de context. Voorbeeld: niet iedereen krijgt het zelfde beeld bij "Geert kan niet tegen zijn verlies". Veel mensen zullen nu aan een politicus denken, terwijl de hele familie Verkade weet dat het hier om een familielid gaat. Voor de meeste mensen zal hier de alt-tekst "kind speelt stratego" voldoende betekenis hebben. Meer informatie vind je bij “wanneer alt, wanneer title

Welk probleem los je er mee op?

voorbeeld: uitleg werking brandslang met behulp van pictogrammen

Ook een zoekmachine kan de informatie in het plaatje niet lezen en begrijpen. Net als menselijke bezoekers die het plaatje niet kunnen zien. Bovenstaand plaatje draagt echter zeer relevante informatie. Je moet er voor zorgen dat iedereen dat op haar manier kan lezen, zowel mensen als machines. Geef een beschrijving van het beeld en je publiceert je informatie begrijpelijk voor iedereen.

Tip 2: taalwisseling

Als het goed is wordt in de HTML-pagina al aangegeven wat de basistaal is waarin je je document hebt geschreven. Dat is handig, want nu weet een zoekmachine, maar ook alle voorleessoftware, welke taal gebruikt is. Ideaal als jij straks in de trein websites wilt laten voorlezen na een lange dag op het werk.

Echter: stel jij hebt een document waarin niet alles in de zelfde taal staat – je gebruikt bijvoorbeeld Engelse termen of Franse uitdrukkingen. De voorleessoftware zal in dat geval woorden in andere talen dan je basistaal niet goed uitspreken. Dat is jammer. Een goed CMS geeft je de mogelijkheid om een taalwissel in de tekst te markeren.

We horen je nu al denken “moeten we elk woord voorzien van een taalwissel?” Dat hoeft niet voor de webrichtlijnen. Het Nederlands staat sowieso al bol van de leenwoorden, waarvan er veel keurig bij woordenlijst.org op te zoeken zijn. Als je het woord in deze lijst kunt vinden, dan is het officieel Nederlands. Vuistregel: heb je een volledige zin (of meer) in een andere taal, gebruik dan de taalwissel.

Voorbeeld: beschrijving van het product op een fles doucheschuim in Engels en Nederlands

Welk probleem los je er mee op?

Iedereen die de site voorgelezen krijgt kan — als de software het toe laat — doorluisteren omdat de software automatisch het gedeelte in de andere taal voorleest in de juiste taal. Enkele woorden mag je tussen de mazen van het net laten glippen. De webrichtlijnen zijn er beslist niet om jouw werk ondoenlijk te maken. Ze zijn er om elke bezoeker toegang te geven tot de informatie van je site.

Tip 3: afkortingen

Gelukkig is het een goede gewoonte om in teksten waar je een afkorting in gebruikt deze eerst voluit te schrijven. Dat doe je wellicht al automatisch omdat je denkt dat de afkorting anders verwarring/onbegrip bij de lezer oproept. Mooi, dat is precies een webrichtlijn. Zodra een afkorting voor onduidelijkheid kan zorgen moet je de afkorting duiden. Dat kan in het title-attribuut van de abbreviation-tag.

Oei, met de voorgaande zin raakten we je misschien kwijt. Tijd voor normale mensentaal. Als je een stuk moet schrijven over de Wet Openbaarheid van Bestuur (WOB) en je schrijft het voor gewone mensen, dan schrijf je de term eerst voluit en daarna introduceer je de afkorting. Weet je echter zeker dat je je informatie geeft aan rijksambtenaren, of gebruik je de afkorting na de eerste vermelding meerdere malen op 1 pagina, dan is WOB een ingeburgerd begrip en kun je de volledige tekst verbergen achter het woord "WOB". Ga je met je muis over het woord, dan zie je de "tooltip" die het hele woord weergeeft (ja, dat doe je binnen het title-attribuut).

Voorbeeld: wegwijzerbord

Welk probleem los je er mee op?

In het beeld hierboven staan twee behoorlijk bekende afkortingen: i en vvv. De eerste zou door elke voorleessoftware goed uitgesproken worden. De tweede zou echter eerder het geluid van een föhn nabootsen. Je wilt toch het liefst dat dit duidelijk wordt uitgesproken als vé-vé-vé. Daarom markeer je de afkorting door er abbr-tags (abbreviation = afkorting) omheen te zetten. En als dit nog niet genoeg overtuigingskracht had, denk dan eens aan hoe je HM de Koningin voorgelezen wilt hebben.

Tip 4: nieuwe vensters

Het openen van nieuwe vensters omdat je naar een andere site gaat lijkt een goed idee. Veel bezoekers van je website zullen dit zelf doen: terwijl ze een artikel lezen openen ze alvast de vensters die ze daarna gaan lezen. De beslissing om een nieuw venster te openen (of een nieuwe tab) kan de bezoeker prima zelf nemen. Je hoeft niet voor je bezoeker te denken, met als risico dat je haar soms in verwarring brengt doordat het niet duidelijk was dat er een nieuw venster werd geopend.

waarschuwing om geen vensters te openen

Welk probleem los je er mee op?

Voor veel blinde bezoekers is dit een grote frustratie, aangezien hun "back-button" ineens verwarrend werkt. Je komt immers niet meer terug op de pagina waar je vandaan kwam, omdat deze in een ander venster zit. Ook mensen met een beperking in waarneming, taal of denken (cognitieve handicap) hebben regelmatig moeite om te bepalen wat er is gebeurd als er een nieuw venster is geopend. Laat die vrijheid van het openen van nieuwe vensters dus over aan je bezoeker. Soms is een pop-up wel handig. Bijvoorbeeld als je een privacystatement bij een formulier geeft. Open je dit een nieuw venster, dan blijft het formulier, met alles dat is ingevuld, zeker intact. Wees dan aardig voor je bezoeker en meld achter de link dat je een nieuw venster zult openen.

Tenslotte

Dit waren slechts 4 tips. Er zijn nog meer webrichtlijnen waar een redacteur rekening mee kan houden. Het is wel jammer dat er nog zo veel CMS-en zijn die het de webredacteur knap lastig maken om te voldoen aan de webrichtlijnen. Mocht je extra inspanning moeten leveren omdat het CMS waarmee je moet werken nog niet helemaal is aangepast, hou dan voor ogen dat de webrichtlijnen uiteindelijk meer tevreden bezoekers opleveren. En breng dat onder de aandacht van de bouwer van het CMS!

Meer weten

Auteur

Gerrit Berkouwer en Robert Jan Verkade

Gerrit is sinds 1994 actief op het web. Hij is als projectmanager verantwoordelijk voor de ontwikkeling van de website rijksoverheid.nl met SCRUM als aanpak. Lid van de projectgroep 'Webrichtlijnen versie 2'. Daarnaast altijd bezig met open data, content management, usability en multidisciplinair samenwerken. Je kunt Gerrit ook op twitter volgen.

Robert Jan is oprichter van eend en van Naar Voren. Daarnaast organiseert hij, samen met Stephen Hay, de tweedaagse workshop voor projectleiders Grip trainingen. Tijdens deze workshop komt hele traject van een internetproject aan bod, van offerte tot afronding. Daarnaast bieden zij ook in-company trainingen en/of adviestrajecten aan. Deze trajecten of training is gericht op de projectleider die inzicht wil krijgen in de voordelen van de webrichtlijnen en ze in de organisatie wil verankeren.

Publicatiedatum: 07 juni 2010

Let op

Naar Voren is op 18 juli 2010 gestopt met publiceren. De artikelen staan als een soort archief online. Het kan dus zijn dat de informatie verouderd is en dat er inmiddels veel betere of makkelijkere manieren zijn om je doel te bereiken.

Copyright © 2002-2016 » NAAR VOREN en de auteurs